Voorwoord
Aan de hand van veertien interviews met collega's van het Trimbos en met externen verkennen we het onderwerp in het algemeen maar vooral ook in de betekenis voor de GGZ.
Al die verhalen over eigen regie klinken heel erg leuk, stelt bijvoorbeeld Trimbos-collega Hans Kroon. Maar hij vraagt zich af wat zelfmanagement betekent voor mensen die zich niet of nauwelijks kunnen redden door een kluwen aan sociale, psychische en financiële problemen. Léon van Halder van het ministerie van VWS vindt zelfmanagement vooral noodzakelijk om de zorg toegankelijk te houden. Peter van Splunteren zegt dat zelfmanagement is gestoeld op het vertrouwen dat je het leven aan kunt, mét je beperking. HEE-boegbeeld Wilma Boevink vraagt zich ondertussen af of zelfmanagement niet teveel een nieuwe behandelmethodiek wordt. Patiënten worden wederom object, stelt zij, wat haaks staat op de uitgangspunten van empowerment en herstel.
Zelfmanagement is niet zomaar af te kondigen dat is duidelijk. Wel zal het de klassieke verhouding tussen patiënt en hulpverlener veranderen. Simpelweg omdat zelfmanagement gebaseerd is op het principe dat bij de aanpak van ziekte en gezondheid twee partijen kennis en verantwoordelijkheden hebben die gelijk gewaardeerd worden. De kennis van de professional over ziektebeelden en behandeling én de kennis van de patiënt over zijn eigen lijf, geest en veerkracht. In die zin kan zelfmanagement dus nooit onderdeel zijn van de behandelstrategie: een goed gesprek, wat medicatie en wat zelfmanagement. Zelfmanagement is gebaseerd op het principe van gelijke verantwoordelijkheden voor het onderhouden van gezondheid, herstel bij ziekte en behoud van kwaliteit van leven bij chroniciteit. De huisarts Leonard Witkamp, die ook in het jaarverslag aan het woord komt, gebruikt denk ik het juiste woord daarbij: de huisarts al coach.
Die coachende rol staat op de achtergrond bij het onderhouden van een gezonde leefstijl, wordt meer prominent bij ziekte en raakt sterk geprofileerd bij ernstige ziekte. Maar altijd is er de principiële gelijkheid in verantwoordelijkheid. De patiënt heeft een grote deskundigheid over zichzelf en heeft veel impliciete kennis over het verlichten of aanpakken van symptomen. De hulpverlener kent de ziekte door en door, hanteert richtlijnen en probeert die te laten passen bij wat een patiënt zelf kan ondernemen in de omgang met de ziekte.
Zelfmanagement gaat niet alleen over het op tijd innemen van de voorgeschreven medicatie maar vooral over het onderhouden van de kwaliteit van leven. Aandacht voor de ziekte, zeker, maar ook voor wat allemaal nog mogelijk is en de positieve ontwikkelingen naast het beloop van de ziekte.
E-mental health is een goed voorbeeld van zelfmanagement die werkt. Deze ervaring passen we graag toe om mensen te ondersteunen in het zelf aanpakken van hun ziekte zoals hun leefstijl. Het is daarbij goed om zelfmanagement zorgvuldig tot ontwikkeling te brengen en om te weten wat wel en wat niet werkt. In ieder geval hebben we binnen het Trimbos-instituut het onderwerp zelfmanagement als een van de belangrijke kennisspeerpunten benoemd waarmee we hulpverleners en patiënten mee willen ondersteunen.
Jan Walburg, voorzitter Raad van Bestuur, Trimbos-instituut